De werking van een PAR-meter toegelicht

Met de wetenschap dat groeilicht de belangrijkste factor is voor de groei van planten, werd het in 1948 voor het eerst mogelijk om het effect van licht op het fotosyntheseproces te meten. Planten hebben een andere relatieve gevoeligheid voor licht dan mensen. Mensen zijn meest gevoelig voor geel (vandaar dat ambulances geel gekleurd zijn). Planten zijn meest gevoelig voor rood en oranje en minder voor groen. Het blad weerkaatst meer groen dan andere kleuren en daarom zien we bladeren in groen. De techniek voor het meten van fotosynthese werd tussen de jaren ‘50 en ‘70 doorontwikkeld, maar pas sinds een jaar of tien kan dit op locatie worden gemeten. Licht binnen golflengten van 400-700nm worden gebruikt voor fotosynthese.

PAR-meter net zo gevoelig als een plant

De PAR sensor is een instrument voor het meten van Photosynthetic Photon Flux Density (PPFD). In de praktijk wordt deze grootheid vaak PAR genoemd, wat staat voor Photosynthetic Active Radiation. PAR-sensoren zijn dusdanig ontwikkeld, dat ze licht met dezelfde relatieve gevoeligheid kunnen meten als planten. De sensor geeft de stroomdichtheid van fotonen aan, met een golflengte tussen 400nm en 700nm per vierkante meter per seconde. Juist deze fotonen worden gebruikt door groene planten voor de fotosynthese. De gemeten fotonen wordt uitgedrukt in de eenheid in μmol PAR m-2 s-1.

Fotonen

Licht kan worden beschouwd als een stroom van kleine deeltjes van verschillende golflengten, die de energie leveren voor het fotosyntheseproces. Licht gedraagt zich daarnaast ook als een golfbeweging. De energie-inhoud (E) van een foton verschilt per golflengte. Een bepaalde hoeveelheid blauwe fotonen heeft een hogere energie-inhoud dan dezelfde hoeveelheid rode fotonen.

Bron: Nieuwsbrief Grow


Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven