positie zeker te verbeteren

Fotoreportage Tuinbouwmissie Zuid-Duitsland

Tholen - "De tuinbouwsector is hier anders dan in Nederland. We hebben hier een kleine kas, maar een grote auto en een groot huis", schertste een Duitse teler deze week tegen de Nederlandse deelnemers aan de factfindingmissie naar Beieren, Zuid-Duitsland. Onder leiding van Jochem Wolthuis van de Duitsland Desk, GroentenFruit Huis bezocht de groep deze week diverse bedrijven uit de AGF-sector om nou eens met eigen ogen te zien wat voor kansen er in de regio liggen.

Bekijk de fotoreportage hier


De delegatie bestaat uit 17 ondernemers uit de tuinbouwsector: Lodewijk Wardenburg van de Bom Group, Paul Jochems van Brabant Plant, Onno Zwaan van DLV glas &energie, Otto Klop van Greefa, Arie Middelburg van GreenMatch, Aad van Dijk van The Greenery, Gerrit Land van GrowPower, Johan Hensen van Haluco, Michiel Bontenbal en Jos Looije van Looije Tomaten, Theo de Groot van MPS, Peter Colbers van Syngenta, Ton Janssen van Tasty Tom, Ferry Aarse van Valstar Holland, Jan van den Bos van Van der Windt Verpakking, Robert Roodenburg van VGB en Tim Huijben van Viscon.

Lessen uit de wijnsector
Wie in 1999 in Zuid-Duitsland een fles wijn kocht, piekerde er niet over om wijn uit de regio te kopen. Het spul stond slecht bekend en klanten lieten het massaal links liggen. De wijnsector heeft sinds die tijd een belangrijke ontwikkeling doorgemaakt. Door zich te verenigen, hebben ze het imago en de positie van de Zuid-Duitse wijnen flink verbeterd. Daarbij draait het niet alleen om kwaliteit, maar voor een groot deel ook om beleving. Door klanten het verhaal van het product te vertellen en de wijn te koppelen aan de ervaring van het bezochte gebied, is het imago, de omzet en de levensvatbaarheid van de sector enorm verbeterd. Dit verhaal liep als een rode draad door de factfindingsmissie naar Zuid-Duitsland heen. Het is namelijk wel duidelijk geworden dat het Nederlandse product in Zuid-Duitsland ook geen al te beste positie veroverd heeft.

Regionaal en biologisch
"Voor regionaal product betalen klanten per verpakking tot een euro meer", vertelde Pascal Kneuer, manager van supermarkt REWE in Boxdorf. En ook Kai Fuchs van coöperatie Gartenbauzentrale Main-Donau noemde het regionale, Beierse keurmerk het belangrijkste keurmerk dat hij heeft. Naast regionaliteit is biologisch ook enorm belangrijk. Sterker nog, als Kneuer moet kiezen tussen het bordje regionaal en het bordje biologisch, wordt in de supermarkt toch het bordje biologisch weggezet naast de prei. Het onderschrift Frankengemüse schuift dan iets naar onder. En ook bio-cressenteler Elmar Gimperlein vertelde dat zijn cressen zo'n niche-product zijn, dat ook uit andere, Duitse regionen de toevoeging "Aus der Heimat", en "Bio-Product", voldoende zijn.

Nederlandse mentaliteit
Maar zelfs naast de concurrentie van regionaal en biologisch product, hebben Nederlandse ondernemers nog het een en ander te verbeteren. Karl-Heinz Baunach van handelsonderneming Schraud & Baunach heeft nauwelijks Nederlandse tomaten in zijn warenhuis liggen, terwijl het aanbod Belgisch product zeker wel aanwezig is. De Belgische mentaliteit bevalt hem meer, vertelt hij daarover. Ook onder de Duitse telers waarmee een gezellige avond gehouden werd, komt dit onderwerp terug. In Duitsland is het niet verstandig eens overmoedig te laten zien hoe de sector ingericht moet worden en hoe dat voortaan aangepakt moet worden. Het gaat om relaties en vertrouwen, anders maken toeleveranciers sowieso geen kans.

Van de bezochte producerende bedrijven is vooral opvallend dat ze zich richten op de markt. Zo heeft glastuinbouwbedrijf Scherzer Gemuse misschien wel een areaal van 17 hectare, maar is dat niet te vergelijken met Nederlandse bedrijven van die grootte. Het bedrijf produceert paprika's, tomaten en aubergines en heeft ook nog eens diverse segmenten staan. Ook André Busigel, komkommerteler, vertelt wel twee keer na te denken voor hij zijn areaal uitbreidt. Als de markt overvoerd wordt, heeft zoiets geen zin.



Minimumloon
Liggen er dan geen kansen in de Duitse markt en kunnen de Nederlanders beter wegblijven? Zo is het ook zeker niet. Bij de bezochte bedrijven valt op hoeveel arbeid er ingezet wordt. Vanaf 1 januari gaat het Duitse minimumloon gelden van minimaal 8,50 per uur. Het kan leiden tot kansen in de automatisering. Maar belangrijker is eigenlijk het beeld dat zolang Nederland zich niet sterk richt op kwaliteit en het verhaal, de Duitse ondernemers de Nederlandse concurrentie niet echt vrezen. Hun aanvoer lijkt op de keuzes die gemaakt zijn in de Zuid-Duitse wijnsector: de producenten kiezen voor kwaliteit (smaakrassen als Lyterno) en zetten hun product met een verhaal in de markt. Ook wordt er niet gedachteloos uitgebreid. Ook opvallend: de afzetcoöperaties Frankengemüse in samenwerking met de Gemüseerzeugerring Knoblauchsland wijzen GMO-subsidie pertinent af. "Als je subsidie nodig hebt om je bedrijf overeind te houden, is het geen duurzame onderneming", vinden ze. En zelfs zonder die subsidie kunnen de Duitse glasgroententelers in het gebied hun 30% hogere kostprijs tot nu toe prima terugverdienen.

Bekijk de fotoreportage hier

De factfinding tuinbouwmissie is een initiatief van het Landbouwattaché Netwerk op de Nederlandse Ambassade in Berlijn en werd georganiseerd door Duitsland Desk, GroentenFruit Huis. Het Ministerie van Economische Zaken heeft de missie naar deze nieuwe nabije markt ondersteund. Dit past in de extra inzet van het Ministerie van Economische Zaken op economische dienstverlening voor bedrijfsleven dat door Russische boycot getroffen is.

Publicatiedatum:
Auteur:
©



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven