De huidige SDE-subsidieregeling sluit onvoldoende aan bij de specifieke kenmerken van geothermie – en dat remt de ontwikkeling van projecten af. Zo luidt de conclusie van een onderzoek in opdracht van Geothermie Nederland en EBN. De studie presenteert twee concrete richtingen om de effectiviteit van de SDE++ voor geothermie te vergroten: een jaarlijkse vaste subsidie, los van gasprijzen, én een gerichte CAPEX-subsidie, gericht op het afdekken van hoge aanvangsinvesteringen. Hoewel beide opties voordelen bieden, wordt in het rapport geconcludeerd dat een combinatie van vaste subsidie én CAPEX-ondersteuning het meest evenwichtig en kansrijk is.
Glastuinbouw en woningen
In het onderzoek is met een businesscasemodel gerekend en is gekeken naar vier casussen. Twee casussen zijn gericht op de glastuinbouw, waarbij de ene casus inzet op aardwarmte voor alleen glastuinbouw en de andere casus op aardwarmte plus levering aan 2000 woningen. De onderzoekers concluderen dat een aardwarmteproject alleen voor glastuinbouw financieel onrendabel is. Pijnpunten zijn CAPEX, OPEX, realisatieduur en warmteprijs. De onderzoekers wijzen erop dat een dergelijk project alleen gerealiseerd kan worden wanneer er (nagenoeg) geen warmtenet aangelegd hoeft te worden en mogelijk bij bestaande installaties aangesloten kan worden.
Om een hoger basisbedrag te benutten, wordt er vaak een combinatie tussen glastuinbouw en gebouwde omgeving gezocht om met de SDE in de gebouwde omgeving-categorie te vallen. Doordat er veel hogere basisbedragen gelden voor deze categorie, wordt geothermie voor de glastuinbouw op deze manier rendabel.
In overleg met partijen uit de sector zijn de belangrijkste belemmeringen voor zowel projecten in de gebouwde omgeving als de glastuinbouw in beeld gebracht. De uitkomsten vormen een belangrijke bouwsteen voor verdere gesprekken met beleidsmakers en het Rijk over de toekomst van overheidssteun voor aardwarmte, aldus Geothermie Nederland.
Bron: Geothermie Nederland