Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven

U maakt gebruik van software die onze advertenties blokkeert (adblocker).

Omdat wij het nieuws gratis aanbieden zijn wij afhankelijk van banner-inkomsten. Schakel dus uw adblocker uit en herlaad de pagina om deze site te blijven gebruiken.
Bedankt!

Klik hier voor een uitleg over het uitzetten van uw adblocker.

Meld je nu aan voor onze dagelijkse nieuwsbrief en blijf up-to-date met al het laatste nieuws!

Abonneren Ik ben al ingeschreven

Langdurig verblijf, onzekere huisvesting: de realiteit van EU-arbeidsmigranten

Arbeidsmigranten uit de Europese Unie worden veelal gezien als tijdelijke werknemers, die na hooguit twee jaar Nederland weer verlaten. Meer dan de helft van hen verblijft echter langdurig in Nederland. Hun woonsituatie is vaak onzeker en kwetsbaar: ze delen huisvesting met anderen of huren via een informele constructie. En dat verbetert met de jaren lang niet altijd. Dit blijkt uit het promotieonderzoek van UvA-sociaal geograaf Dolly Loomans, dat zij deed in samenwerking met het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). 'Het beleid in Nederland is gericht op tijdelijk verblijf en gaat daarmee uit van een realiteit die voor veel arbeidsmigranten niet bestaat. Hoog tijd dus om verder te kijken dan kortetermijnoplossingen', aldus Loomans. Zij promoveert op woensdag 11 februari aan de UvA.

Als het gaat om de woonomstandigheden van EU-arbeidsmigranten is in onderzoek tot dusver een vrij uniform en statisch beeld geschetst. Loomans brengt daar verandering in door de woonsituaties van migranten over een langere periode te volgen en verschillen in hun woonpaden in kaart te brengen.

'Voor veel arbeidsmigranten blijkt Nederland geen korte tussenstop', vertelt Loomans. 'Meer dan de helft blijft langdurig. Dan moet je denken aan minstens zes jaar, maar vaak nog langer. Steeds meer van hen vestigen zich in landelijke en voorstedelijke gebieden. In beleidsdiscussies worden deze plekken gezien als aankomstlocaties, maar de migranten die langer in Nederland blijven werken, blijven meestal in hetzelfde type gebied wonen als waar ze begonnen zijn. Ook wordt vaak verondersteld dat ze van ondermaatse woonomstandigheden doorstromen naar betere, stabielere huisvesting, maar voor een grote groep blijft deze vooruitgang uit.'

Structurele problemen
Vaak wordt woononzekerheid toegeschreven aan de rol die uitzendbureaus spelen in het huisvesten van arbeidsmigranten, maar Loomans laat zien dat woononzekerheid niet beperkt is tot migranten die via een uitzendbureau werken. Zij verblijven niet significant vaker langdurig in gedeelde of informele huisvesting dan migranten die niet via een uitzendbureau werken. Loomans: 'Hoewel er veel mistanden bestaan bij migranten die via een uitzendbureau wonen en werken, kun je de problematiek rondom de slechte woonomstandigheden dus niet uitsluitend toeschrijven aan de uitzendbureaus. Het gaat om bredere structurele problemen op de arbeids- en woningmarkt.'

Dé arbeidsmigrant bestaat niet
Bovendien bestaan er grote verschillen in de woonpaden van EU-arbeidsmigranten, zag Loomans. Die verschillen hangen vooral samen met sociaal-demografische kenmerken. 'Oudere migranten en migranten met een relatief laag inkomen hebben een grotere kans om langdurig in precaire omstandigheden te wonen. Tegelijkertijd is er ook een groep arbeidsmigranten die er wel in slaagt om stabiele huisvesting te vinden en een prettig bestaan in Nederland op te bouwen. Dé arbeidsmigrant, als stereotype, bestaat dus niet', concludeert Loomans.

Blijvende invloed
Onzekere en onveilige woonomstandigheden kunnen langdurige effecten hebben op het leven van arbeidsmigranten. Loomans laat zien dat dit niet alleen het gevolg is van extreme situaties zoals (dreigende) dakloosheid, maar ook voortkomt uit ervaringen met bijvoorbeeld ondermaatse woningen of onbekende kamergenoten. Zulke ervaringen kunnen een blijvend referentiekader worden: mensen accepteren latere, nog steeds precaire woonsituaties omdat die 'beter zijn dan wat ze eerder meemaakten'. Zelfs wanneer de materiële omstandigheden verbeteren, kan het gevoel van onzekerheid en onveiligheid nog lang blijven doorwerken. 'Die ervaringen beïnvloeden hoe mensen plannen maken, risico's nemen en hun toekomst vormgeven', licht Loomans toe.

Beleidsimplicaties
Loomans stelt dat de veronderstelling dat de arbeidsmigranten slechts tijdelijk in Nederland verblijven heeft bijgedragen aan het legitimeren van ondermaatse, kortetermijnoplossingen zoals grote 'hotels' buiten gemeentegrenzen of containerwoningen op het terrein van de werkgever. Daarbij worden werk en huisvesting vaak bewust aan elkaar gekoppeld, waardoor woonzekerheid afhankelijk wordt van een baan.

We hebben volgens Loomans een bredere visie nodig, met meer aandacht voor de toegankelijkheid van de woningmarkt en de onzekerheid op de arbeidsmarkt. 'Zolang arbeidsmigranten te maken hebben met flexibele contracten en inkomensonzekerheid, en werk en wonen sterk aan elkaar gekoppeld blijven, is toegang tot stabiele huisvesting moeilijk en blijft woononzekerheid een structureel probleem.'

Over het onderzoek
Loomans deed haar onderzoek met een mixed-methods-benadering: ze maakte een kwantitatieve analyse van bevolkingsregistergegevens van geregistreerde EU-arbeidsmigranten (in laag- en goedbetaalde functies) en ze hield biografische diepte-interviews met 28 Poolse migranten in Nederland. Ze koos voor de interviews voor Poolse migranten, omdat deze groep een langere migratiegeschiedenis heeft in Nederland.

Bron: Universiteit van Amsterdam

Gerelateerde artikelen → Zie meer