Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven

U maakt gebruik van software die onze advertenties blokkeert (adblocker).

Omdat wij het nieuws gratis aanbieden zijn wij afhankelijk van banner-inkomsten. Schakel dus uw adblocker uit en herlaad de pagina om deze site te blijven gebruiken.
Bedankt!

Klik hier voor een uitleg over het uitzetten van uw adblocker.

Meld je nu aan voor onze dagelijkse nieuwsbrief en blijf up-to-date met al het laatste nieuws!

Abonneren Ik ben al ingeschreven

Afstemming van genetica, klimaat en fysiologie essentieel voor stabiele kasproductie in India

In India, met name in de regio Rajasthan, staat de tuinbouw voor grote klimaatuitdagingen. Volgens Mohit Roop Rai, Senior Research Associate bij Eeki Foods, is een nauwkeurige afstemming tussen rassenkeuze, klimaatbeheersing en plantfysiologie noodzakelijk om een stabiele en kwalitatief hoogwaardige productie van kasgroenten te realiseren onder extreme omstandigheden.

Komkommerteelt vraagt om klimaatspecifieke genetica
Hoewel de komkommer oorspronkelijk uit India komt, worden de hoogste opbrengsten wereldwijd gerealiseerd in Nederlandse kassen, met jaaropbrengsten van 65 tot 75 kg per vierkante meter. "Dat verschil is vooral het resultaat van jarenlange veredeling en technologieontwikkeling die zijn afgestemd op het lokale klimaat," aldus Mohit. "In Nederland is intensief gewerkt aan genetisch potentieel en teeltsystemen die passen bij de regionale omstandigheden."

In India hebben tuinbouwbedrijven te maken met grote seizoensschommelingen. "Het is niet mogelijk om één ras het hele jaar door te telen," legt hij uit. De selectie van het juiste genotype is volgens hem een van de grootste uitdagingen bij een veranderend klimaat. "Door meerjarige rassenproeven te koppelen aan specifieke seizoenen heeft Eeki Foods de consistentie en prestaties van de teelt kunnen verbeteren."

Na jaren van proeven en begeleiding wist het team in Rajasthan een jaarlijkse komkommerproductie van meer dan 50 kg per vierkante meter te realiseren, ondanks zomertemperaturen boven de 45°C en wintertemperaturen onder de 5°C. Meer dan 90 tot 95 procent van deze productie voldoet aan A+-kwaliteit, wat volgens Mohit het resultaat is van gerichte rassenkeuze en nauwkeurige klimaatsturing.

De winterperiode blijft echter fysiologisch beperkend. Lage instraling (1000–1200 J/cm²), mist en nachttemperaturen rond 9°C vertragen de knoopontwikkeling en groeisnelheid. "Zodra we de gewenste RTR-waarde (radiation temperature ratio) bereiken, gaan de planten weer snel functioneren en benutten ze de opgeslagen suikers," zegt hij. Daarmee onderstreept hij het belang van de balans tussen temperatuur en licht voor herstel van de productie.

© Eeki Foods

Temperatuurgrenzen bepalend voor tomatenproductiviteit
In de tomatenteelt zorgen lichtniveaus van 1400–1500 J/cm² voor een hoge fotosyntheseactiviteit. Lage nachttemperaturen, rond 10°C, vormen echter een belangrijke beperkende factor. Mohit wijst erop dat temperaturen onder de 13°C de normale fysiologische processen verstoren bij niet-geënte tomatenplanten.

"Een lage nachttemperatuur vertraagt de ademhaling," licht hij toe, waardoor koolhydraten zich ophopen in het blad terwijl enzymatische processen minder efficiënt verlopen. Dit leidt tot een disbalans tussen fotosynthese en respiratie: overdag wordt veel suiker geproduceerd, maar 's nachts vindt onvoldoende transport plaats.

Daardoor bereikt minder assimilaat de groeipunten, bloemen en vruchten, wat de sinkactiviteit verzwakt. Vooral de generatieve ontwikkeling is hier gevoelig voor. "Tomaat heeft een nachttemperatuur boven de 13 graden Celsius nodig voor een normale voortplanting," aldus Mohit. Lagere temperaturen verminderen de stuifmeelkwaliteit, verhogen bloemval en verstoren de vruchtzetting. Symptomen van kou-stress, zoals paarsverkleuring van het blad, wijzen op extra fysiologische belasting.

Verbetering wordt verwacht zodra de etmaalgemiddelde temperatuur richting 19°C gaat en de nachttemperaturen boven de 13°C uitkomen. Dat herstelt de fysiologische balans, versnelt de benutting van assimilaten en verhoogt de opbrengst per vierkante meter.

© Eeki Foods

Focus op kwaliteit en zorgvuldige handling bij paprika
Bij de paprikateelt richt Eeki Foods zich op een productie die volledig voldoet aan A+-kwaliteit, vanaf de eerste oogst. Lichtniveaus van 1500–1700 J/cm² ondersteunen een actieve groei, maar ook hier zijn hogere nachttemperaturen noodzakelijk. "De nachttemperatuur moet stijgen naar 16 graden om de groei te versnellen en de productiedoelen te halen," stelt Mohit.

Een krachtige kopontwikkeling en een snellere kleuromslag van de vruchten duiden op een verbeterend groeiverloop. Hoewel condensvorming op blad en vruchten wordt waargenomen, zorgen voldoende bladmassa en een gezonde bladkleur voor een goede transpiratie en fotosynthese.

Ook de afstemming op markteisen vraagt aandacht. "Het is soms lastig om te voldoen aan de eisen van het verkoopteam wat betreft lengte, breedte en gewicht," zegt hij. Rassenkeuze, klimaatregeling en snoeistrategie spelen daarbij een cruciale rol in het realiseren van uniforme productkwaliteit.

Door de gevoeligheid van paprika is ook de oogst- en nabehandeling van groot belang. "Paprika is een zeer zacht product; zelfs een kleine beschadiging tijdens oogst of transport kan de kwaliteitsklasse negatief beïnvloeden," waarschuwt Mohit.

© Eeki Foods

Voor meer informatie:
Mohit Roop Rai
Eeki Foods
www.linkedin.com/mohit-roop-rai-
https://eeki.com/

Gerelateerde artikelen → Zie meer