Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven

U maakt gebruik van software die onze advertenties blokkeert (adblocker).

Omdat wij het nieuws gratis aanbieden zijn wij afhankelijk van banner-inkomsten. Schakel dus uw adblocker uit en herlaad de pagina om deze site te blijven gebruiken.
Bedankt!

Klik hier voor een uitleg over het uitzetten van uw adblocker.

Meld je nu aan voor onze dagelijkse nieuwsbrief en blijf up-to-date met al het laatste nieuws!

Abonneren Ik ben al ingeschreven

Zoektocht naar biostimulanten en bionematiciden op basis van serreloof

In de glastuinbouw komt jaarlijks een grote hoeveelheid serreloof vrij. In plaats van deze reststroom af te voeren, verkent het VLAIO-project Zero-Waste of extracten uit serreloof van tomaat paprika en komkommer ingezet kunnen worden als biostimulanten, die de groei en stressweerbaarheid van planten bevorderen, en bionematiciden, die schade door plantparasitaire nematoden helpen beperken.

© Inagro

Veelbelovende laboresultaten
In het labo werden extracten uit tomaat-, paprika- en komkommerloof bereid via verschillende methoden zoals bufferextractie, verhitting en ultrasoonbehandeling. De eerste testen toonden dat:

  • Vooral komkommerextracten een biostimulerend effect hadden in Arabidopsis. ze stimuleerden wortelvorming en vergrootten het bladoppervlak.
  • Extracten uit komkommer- en paprikaloof als bionematicide beloftevol waren: ze veroorzaakten sterfte bij wortelknobbelaaltjes en ze wekten zelfs systemische resistentie op in rijst en tomaat.
  • Deze resultaten wezen op potentieel voor zowel biostimulanten als bionematiciden.

Veldproeven temperen de verwachtingen
Om de beloftevolle laboresultaten te toetsen, volgden praktijkproeven in serres (Agrotopia) en op het veld (PSKW en PCH):

In tomaat en paprika gaven biostimulanten geen consistente meerwaarde tegenover water of commerciële referenties. Plantlengte, beworteling, vruchtzetting en opbrengst bleven vergelijkbaar. In aardappel en boontjes boden bionematiciden uit komkommer- en paprikaloof geen significante bescherming tegen wortelknobbelaaltjes.

Mogelijke oorzaken? Verschillen tussen labo- en veldomstandigheden zoals infectiedruk, verdunning en afspoeling van extracten, weersinvloeden en bodemstructuur spelen hierbij een grote rol.

Wat leren we uit deze resultaten?
De stap van labo naar praktijk blijkt complex. Voor een betere werking van biostimulanten en bionematiciden uit serreloof zijn verdere optimalisaties nodig:

Toepassingswijze: bladbespuiting of fertigatie kan beter werken dan eenmalig aangieten.
Timing en frequentie: herhaalde toepassingen, vooral op stressmomenten, lijken cruciaal.
Concentratie en formulering: hogere dosissen of stabielere formuleringen kunnen de werking verbeteren.
Proefomstandigheden: effecten komen vaak pas tot uiting onder stress, zoals droogte of hoge infectiedruk.

Potentieel, maar nog werk aan de winkel
Het valoriseren van serreloof tot circulaire producten blijft een veelbelovende piste, maar vraagt nog onderzoek naar praktische toepasbaarheid. De eerste laboresultaten tonen potentieel, maar veldproeven leren ons dat de vertaalslag niet vanzelfsprekend is. Met gerichte vervolgproeven gaat Inagro na hoe ze deze extracten beter kunnen inzetten in de praktijk.

Bron: Inagro

Publicatiedatum:

Gerelateerde artikelen → Zie meer