U maakt gebruik van software die onze advertenties blokkeert (adblocker).

Omdat wij het nieuws gratis aanbieden zijn wij afhankelijk van banner-inkomsten. Schakel dus uw adblocker uit en herlaad de pagina om deze site te blijven gebruiken.
Bedankt!

Klik hier voor een uitleg over het uitzetten van uw adblocker.

App icon
FreshPublishers
Openen in de app
OPENEN

De (nabije) toekomst van de tuinbouw: vraagstukken en enkele (voorzichtige) antwoorden

Tholen - Ook al vóór de pandemie waren er zichtbare en minder zichtbare krachten aanwezig die de koers van ons productiemodel langzaam een andere kant uitstuurden, maar het coronavirus lijkt alles in een stroomversnelling te hebben gebracht en om de zoveel tijd moeten we allen als mens, burger en economische speler van de ene op de andere dag het hoofd bieden aan nieuwe uitdagingen die een op hol geslagen klimaat en een veranderende maatschappij ons opdringen. Ook de AGF-sector staat voor ongekende uitdagingen. 

Zal er een geografische verschuiving plaatsvinden van de gewassen die we telen onder invloed van de klimaatverandering, de nadruk op lokale productie of de vooruitgang van de teelttechnologie? Gaan telers versneld gebruik maken van groenere energie door de hoge gasprijzen? Zal het coöperatieve model langzaam uitdoven door steeds groter wordende teeltbedrijven en de interesse van investeringsvehikels in de AGF-sector?

Voor deze en nog meer vraagstukken legden we voor een interview voor het februarinummer van vakblad Primeur ons oor te luisteren bij Cindy van Rijswick, AGF-specialiste bij Rabobank, de bank die zich naast hypotheekverstrekker voor de consumentenmarkt ook graag profileert als partner voor de agrarische sector en voortrekker op het gebied van energietransitie.

“Om meteen een antwoord te geven op de eerste vraag: er zit inderdaad een verschuiving aan te komen van de gewassen die telers in verschillende landen van de wereld verbouwen. In Spanje, en in het bijzonder in het zuiden van het land, klinken de alarmerende berichten over watertekort steeds luider. Daar zal er waarschijnlijk vooral minder graan worden verbouwd, waardoor andere teelten in de kijker komen te staan. Er wordt weleens gezegd dat we in Europa op lange termijn voor onze voedselvoorziening meer afhankelijk zullen worden van Noordwest-Europa, maar we moeten de zaak nu ook niet té positief voorstellen voor onze regio. Misschien zullen we gemiddeld iets hogere opbrengsten halen dan in het zuiden, maar door vaak terugkerende extreme weersomstandigheden, zoals droogteperiodes of overstromingen, zijn we ook hier overgeleverd aan de grillen van het klimaat,” merkt Cindy op. Volgens berekeningen van het Informatienetwerk voor Milieu van de Andalusische overheid  lag de gemiddelde regenval in het Zuid-Spaanse gewest in het hydrometeorologische jaar 2021/22 ruim 30% onder de gebruikelijke waarden. Afgelopen november werd 80% van het Guadalquivir-bekken officieel uitgeroepen tot ‘gebied in toestand van buitengewone droogte’.”

Amandelbomen in Californië
Volgens de AGF-specialiste van Rabobank is het klimaat van Californië vergelijkbaar met dat van sommige regio’s in het Middellandse Zeegebied en ook daar bepaalt de factor droogte al de agenda van de teeltbedrijven. “In Californië kiezen telers al vaak voor andere gewassen, met name gewassen die in het schap een hoger prijskaartje hebben en die dus de belofte inhouden meer geld op te brengen. Maar het gekke is dat heel wat van die gewassen óók veel water gebruiken. Men is bijvoorbeeld van rijst naar amandelen overgeschakeld. Daar wordt dan druppelirrigatie voor gebruikt, maar toch blijven die amandelbomen heel veel water opslokken. Ze brengen wel mooi geld in het laatje,” vertelt Cindy. In Salinas Valley stond vroeger de slateelt sterk, terwijl nu de aardbeienpercelen de dienst uitmaken. De aantrekkelijke inkomsten van de aardbeienteelt maken het immers mogelijk de hogere grondprijzen te blijven betalen. “En het kan zomaar zijn dat ook de aardbeien op den duur worden weggedrukt door nog hoogwaardigere gewassen, want ook aardbei, die nog veel in de vollegrond wordt geteeld, is best wel een aanslag op de watervoorraden.” En dan hebben we het nog niet gehad over de arbeidsproblematiek, die ook een rol speelt bij keuze van gewassen. Noten kunnen veelal machinaal geoogst worden, aardbeien nog niet.

Peru, dat zich de laatste jaren opwerpt als een belangrijke leverancier van avocado’s voor de Europese markt en waarvan de export volgens berekeningen van het adviesbureau Inform@cción vorig jaar met 28,2% toenam en ook de komende jaren nog met gelijkaardige cijfers kan groeien, dreigt evenwel tegen 2050 tussen de 55 en 70% van het voor de avocadoteelt geschikte areaal te verliezen door de wijzigende klimaatomstandigheden, zo stelt een studie die in januari is verschenen in het wetenschappelijke tijdschrift PLoS ONE. Vooralsnog heeft Peru het voordeel dat er flink wat water vanuit de Andes naar de teeltgebieden geleid kan worden.

Technologische vooruitgang
Om gewasverschuiving te vermijden, kunnen telers in sommige gebieden eerst proberen de plant- en oogstdata aan te passen. Telers in de mediterrane gebieden kunnen bijvoorbeeld proberen nog beter in te spelen op de neerslag die er in de winter valt. Maar uiteindelijk zal er toch gekeken moeten worden naar de technologische vooruitgang als antwoord op de uitdagingen waarvoor de klimaatverandering ons stelt. “Wanneer het water ons echt aan de lippen komt te staan – ook al hebben we het ironisch genoeg in de eerste plaats over droogte – zullen we zeker nog oplossingen vinden om niet meteen te hoeven veranderen van teelt. Er kan nog veel gebeuren, maar het zal investeringen vergen. Zo valt er best nog winst te behalen door meer te monitoren met sensoren en software om het waterverbruik te optimaliseren naargelang de noden van de plant. Want ook met druppelirrigatie wordt er nu nog vaak besproeid op momenten wanneer de plant het water niet echt nodig heeft. Precisielandbouw kan een verschil maken.”

Volgens Cindy zullen overheden en telers ook aandacht moeten besteden aan een betere afwatering. Het water dat wel uit de hemel valt, stroomt vaak gewoon weg. “Daarnaast kunnen ook droogte- of ziltresistente variëteiten een bijdrage leveren om teelten te behouden op de huidige locaties. Israël heeft daarin al enige vooruitgang geboekt. Zout water zal in veel landen immers altijd voldoende beschikbaar zijn. Het probleem is dat die gewassen vandaag de dag op commercieel vlak nog niet kunnen tippen aan de traditionele rassen. We zullen ook steeds meer overkappingen zien. Maar vooraleer we echt haalbare en op grote schaal toepasbare oplossingen hebben, zullen er gewasverschuivingen plaatsvinden, mede onder invloed van hogere verzekeringspremies in sommige gebieden.” Toch hoeft een verschuiving niet altijd dramatisch te zijn, zo stelt Cindy. Door de eeuwen heen is dat wel meer gebeurd. Vijftig jaar geleden werden er in het Westland ook nog heel andere gewassen geteeld.

De AGF-specialiste stelt dat in laatste instantie onbruikbare grond gewoon een andere functie kan krijgen zoals oppervlakte voor zonne-energievelden. Volgens cijfers van de Spaanse overheid nam de  opwekkingscapaciteit van zonne-energie in Spanje in 2019 met 93,2% toe ten opzichte van 2018 en het Nationaal Energie- en Klimaatplan (PNIEC) voorziet een geïnstalleerd vermogen van 39.000 MW voor Spanje tegen 2030. “En bodems die een tijdlang niet meer gebruikt worden wegens onaantrekkelijk voor de teelt vanwege droogte, kunnen zich eventueel na verloop van tijd ook weer herstellen. Er zijn vele scenario’s mogelijk en het is lastig in te schatten welke weg de tuinbouw inslaat in warme en dorre gebieden, maar het is wel waarschijnlijk dat er voor technologie een grote rol is weggelegd.” Nadeel is dus het kostenplaatje wat daaraan hangt.

Teeltuitbreiding in alle landen
En welke ontwikkelingen kunnen we verwachten in eigen land? Voor een land als Nederland wordt het bijvoorbeeld moeilijker om commodity’s zoals appelen te blijven exporteren in de huidige aantallen. Steeds meer landen slagen erin eigen productie te hebben. “Dat is overigens niet alleen voor ons een nadeel, maar ook bijvoorbeeld voor Chili, dat in de zomer appelen hierheen stuurt en waarvan de export nu al terugloopt, omdat het noordelijk halfrond meer zelf teelt,” weet Cindy. “De voorkeur van de consument voor lokaal geteeld voedsel ondersteunt die trend. Maar moeten wij hier in Nederland ook nog meer inzetten op lokale voedselvoorziening? Dat voelt toch heel raar aan met onze traditie als exportland van heel wat tuinbouwproducten zoals onder meer aardappelen en uien. In die zin is het een heel goede zaak dat we binnen de EU gewoon van vrijhandel genieten. Maar appel krijgt het dus wel lastig. Ons areaal daalt jaarlijks, terwijl de teelt in Oost-Europa en Turkije steeds uitbreidt, ook met innovatie op het gebied van rassen. Misschien gaan we op termijn naar een nieuw evenwicht dat inhoudt dat de Nederlandse appel in de eerste plaats voor lokale consumptie bestemd is en daarna zal inspringen wanneer er zich ergens een tekort voordoet. Bij peren liggen de kaarten anders. Dat is nog wel een vrij uniek exportproduct. Ook de tijden dat we paprika’s per vliegtuig naar de VS exporteerden, zijn goeddeels voorbij. Nu kan het niet met de hoge gasprijzen, maar in de VS zit de kassenbouw ook in de lift. Ik denk dat de toekomst zal liggen in het blijven exporteren naar de ons omringende markten, bijvoorbeeld Duitsland en Engeland.”

Torenhoge gasprijzen
De hoge vraag in wintertijd, de lage Europese voorraden en geopolitieke spanningen duwen de gasprijs naar schrikbarende hoogtes. Zowel de huishoudens die voor hun verwarming op gas zijn aangewezen als economische sectoren die voor hun activiteit van deze energiebron afhankelijk zijn, zitten met de handen in het haar. Ondertussen willen we met z’n allen van het gas af om te evolueren naar meer propere energie. Dat blijkt steeds meer uit beleidskeuzes. Zo besloot de Belgische regering begin februari tot een btw-verlaging op elektriciteit voor de gezinnen, maar niet op gas. Kunnen dergelijke maatregelen de energietransitie een duwtje in de rug geven, niet alleen voor de gezinnen, maar ook voor de industrie? “Uiteindelijk zal de hoge gasprijs, die naar alle waarschijnlijkheid niet zo gauw en niet zo hard meer zal terugvallen door onder meer de omschakeling naar gasgebruik als tussenstap naar verdere vergroening van de energie, innovatie stimuleren op dat vlak. Maar nu zijn ondernemers die sterk afhankelijk zijn van gas juist bezig met overleven, waardoor er geen geld beschikbaar komt voor innoverende oplossingen zoals bijvoorbeeld geothermie. De hoge gasprijs lijkt op zich misschien een kans om investeringen te stimuleren in schonere energie, maar als het geld ontbreekt, zal de overheid toch moeten bijspringen waar de nood het hoogst is om deze periode door te komen,” stelt Cindy.

Veel kastelers in Nederland hebben hun activiteiten moeten terugschroeven wegens het niet rendabel zijn in tijden van hoge gasprijzen en moeten zij lijdzaam toezien hoe de Europese markt nu meer product uit Spanje halen. Ook al zijn de transportkosten voor de Spaanse kasgroenten gestegen, de toename van de productiekosten in het koudere Noorden is momenteel hoger. “Ik hoop natuurlijk dat de situatie volgende winter weer beter wordt, want dit houden Nederlandse telers geen jaren, en sommigen zelfs geen maanden, vol. Nu heeft een aantal natuurlijk nog vaste contracten lopen, maar als die dadelijk aflopen, dan wordt het problematisch.”

Ook hogere verkoopprijzen?
Alle prijzen zijn geëxplodeerd het laatste jaar: brandstof, verpakkingen, kunstmest, arbeid. Spanje lijkt deze winter voor de aanvoer van kasgroenten het pleit te winnen van Nederland, terwijl het zelf al jaren met lede ogen moet toezien hoe Marokko een steeds groter marktaandeel inneemt in Europa. Misschien kunnen de huidige hogere transportkosten en het chauffeurstekort die evolutie wat afremmen, maar volgens Cindy lijkt dat laatste probleem eerder een tijdelijk fenomeen. “Maar goed, niemand heeft een glazen bol en misschien zijn de hoge gas- en energieprijzen ook niet zo structureel.”

Wat wel duidelijk is, is dat de huidige hoge productiekosten op een gegeven moment zullen moeten leiden tot stijgende verkoopprijzen. Dat geldt niet alleen voor de producten van de Nederlandse telers, maar bijvoorbeeld ook voor de Spaanse en overzeese aanvoer. Zo zijn de containerkosten vanuit Zuid-Amerika verdrievoudigd. Samen met de hogere prijzen voor grondstoffen en verpakkingen zullen die onvermijdelijk moeten leiden tot een meerprijs voor exotisch fruit en verse producten van het tegenseizoen. Een kilo bananen voor 1 euro in de winkel lijkt niet meer houdbaar. Fairtrade trekt al lang aan de alarmbel en medio januari besloten nu ook de regeringen van zeven Latijns-Amerikaanse bananenlanden zich te verenigen en zo druk te zetten op de Europese afnemers om betere prijzen af te dingen voor hun telers. “Het lijkt er inderdaad op dat we zullen moeten wennen aan hogere voedselprijzen.”

Aandeel bio-areaal 25%
Ondertussen blijft de Europese Commissie de ambitie koesteren om 25% van de land- en tuinbouwgrond in Europa tegen 2030 biologisch te maken. “Maar de markt zal leidend zijn,” zegt Cindy. “Als er een markt is voor bio, dan wordt het een interessant verdienmodel. Als er geen markt is, zal de omschakeling niet zo gauw gebeuren, met of zonder subsidies. Ik heb vooral mijn twijfels over het cijfer. 25% lijkt mij iets te veel.” In Nederland bedraagt het aandeel van bio in het totale landbouwareaal momenteel een schamele 4%. “Voor Nederlandse telers wordt het lastig. In andere landen, waar de gemiddelde opbrengsten niet zo hoog zijn als bij ons, kan het wel een goed alternatief bieden.”

Coöperaties en investeringsmaatschappijen
We zien grote verschillen tussen bedrijven wat betreft financiële buffer, aanpassingsvermogen aan de huidige moeilijke situatie, onderhandelingspositie enzovoort. Over het algemeen lijkt het voor bedrijven die nauw samenwerken met hun afnemers in een redelijk korte keten makkelijker om kostenverhogingen door te rekenen dan spelers die niet zo dicht bij hun afnemer staan. Vaak zijn het de grotere spelers die zo’n samenwerkingsverband hebben, maar dat is niet altijd het geval. Veel van de kleinere spelers zijn afhankelijk van een coöperatie voor prijsonderhandelingen.

Bij de coöperaties onderling zien we ook grote verschillen. Sommigen hebben het erg lastig. Het valt natuurlijk niet mee om een grote groep diverse telers dezelfde kant op te krijgen. Wat we al enkele jaren zien is de opkomst van bedrijven die meerdere ketenactiviteiten als teelt, verpakken en afzet in eigen hand hebben. Die beweging wordt eerder aangedreven door overnames en inmenging van investeringsvehikels dan door organische groei. Vooral in Spanje is de AGF-sector in de ban van overnames door private-equityfondsen. Een mooi voorbeeld is de oprichting van de grootste Europese citrusgroep Citri & Co door Miura Private Equity en de daaropvolgende overname van citrusbedrijven Martinavarro en Frutas Esther.

Toegevoegde waarde in teelt en packaging
“Investeerders hebben niet zozeer interesse in handelsbedrijven, als wel in teeltbedrijven, of beter nog, teeltbedrijven met eigen packaging en handel. Want in de teelt  zit de toegevoegde waarde en bijgevolg de grotere winstmarges. In Spanje richt de interesse zich op grotere fruitbedrijven en dan vooral verticaal geïntegreerde bedrijven, in Nederland op technologieleveranciers voor de sector. En dat kan nog wel even doorgaan, want er is nog veel geld beschikbaar bij investeerders en AGF is interessant vanwege het duurzaamheidsimago en goede langetermijnperspectief. Bij Rabobank merken wij sinds een jaar of vijf dat investeerders hun oog laten vallen op de sector, en de afgelopen twee jaar zijn de transacties heel erg toegenomen. Vroeger vonden ze tuinbouw te risicovol, maar nu ze reeds in alle minder risicovolle sectoren hebben geïnvesteerd, is de AGF-sector aan de beurt. Toch gaan ze in het huidige klimaat rekening moeten houden met iets lagere rendementen dan voorgaande jaren.”

Kansen voor Nederlandse teeltbedrijven
“Ook in Nederland zie je dat teeltbedrijven groter worden en, mede door opvolgingskwesties, doorgaan met andere bedrijfsstructuren. Op een gegeven moment zal opvolging zeker een issue worden. Dan komen externe aandeelhouders binnen in het bedrijf en het valt natuurlijk niet uit te sluiten dat in de toekomst teeltbedrijven die nu deel uitmaken van een coöperatie zelfstandig de klanten gaan bedienen eens ze groot genoeg zijn. Ook zullen grote bedrijven uit fusies van familiebedrijven ontstaan. Ik zie ook kansen weggelegd voor partnerships over de landsgrenzen heen. Dat levert het voordeel op van een jaarrond aanbod van verse producten. En dan heb ik het in de eerste plaats over partnerships met bedrijven uit zuidelijke landen zoals Spanje. Ik zie onze Nederlandse telers daar niet meteen vestigingen openen, want onze methodes en technieken zijn daar niet de meest rendabele, enkele uitzonderingen daargelaten.  Het telen laten we daar misschien beter over aan plaatselijke experts, waardoor samenwerkingen wel een mooie uitkomst bieden. In noordelijke landen zoals Engeland, Duitsland en misschien ook Oost-Europa en de VS zie ik onze telers wel kassen opzetten.”

Vertical farming
Klimaatverandering, stijgende vraag naar lokaal product, hogere transportkosten, milieuvriendelijker telen… Is vertical farming dan niet de oplossing in Europa en de rest van de wereld? “Vertical farming zit nog steeds in de ontwikkelingsfase en is dus vooralsnog een niche. Tot nu toe zijn er weinig bedrijven die winstgevend zijn, misschien in Japan een paar, maar in Europa of Amerika niet. We zullen zeker nog ondernemingen zien die stoppen en er zullen ook een paar succesvol worden. De operatie op zich kan rendabel zijn, maar de astronomische bedragen die nu in sommige bedrijven geïnvesteerd zijn, zullen moeilijk ooit terugverdiend worden. In Amerika zijn er al miljarden in geïnvesteerd, maar de return is op dit moment eerder flauwtjes. Overigens is er nu heel veel geld beschikbaar, maar dat houdt ooit wel eens op. Investeerders willen op een bepaald moment iets terugzien van hun geld. Er zijn ook fondsen die in de AGF-sector stappen met de gedachte het bedrijf naar de beurs te brengen en daarna door te verkopen met veel winst, zonder er in de loop van de tijd veel aan verdiend te hebben. Dan hebben ze toch een interessante transactie gehad. Maar ook dat wordt lastiger,” beweert Cindy.

In de Verenigde Staten, waar de afstanden vaak immens zijn, zien grote teeltbedrijven wel brood in vertical farms of moderne kassen als aanvulling op de buitenteeltactiviteiten. Het neemt de druk op de transportkosten enigszins af. In plaats van alle sla in Californië te telen en dan te vervoeren naar Chicago of New York, wordt een deel geproduceerd in vertical farms in of dicht bij de steden zelf. “Maar in principe is er grond zat op sommige plekken in de VS, dus kun je daar ook gewoon een kas neerzetten die je ook goed kan automatiseren,” nuanceert Cindy. “En in de VS heb je ook wel bedrijven die gewoon in de buitenlucht sla telen voor retailers en dan een kleine klimaatcel bijbouwen voor specialties, met systemen die niet eens zo duur hoeven te zijn. Wat we ook wel meer zullen zien is dat slimme bedrijven gewoon het goede moment afwachten en dan toeslaan: ze kopen dan voor heel weinig vertical farms op die failliet zijn gegaan om die weer rendabel te maken. Want ze zullen wel een keer winstgevend worden. Sowieso zullen we in de VS als in de rest van de wereld veel meer variatie in teeltsystemen zien. ”

Waar staat de Nederlandse glastuinbouw in 2050?
Met alle voorgaande bespiegelingen in het achterhoofd, kunnen we ons misschien wagen aan een voorspelling voor onze eigen glastuinbouw. “Hadden we niet de paniek met de huidige gasprijzen, dan zou ik zeggen dat het areaal ongeveer gelijk zal blijven, maar met veel minder en dus grotere bedrijven, die ook een andere structuur zullen hebben en wellicht enkele andere gewassen zullen telen. Groei zie ik niet meer qua areaal, ook al omdat de markt verzadigd is en je dan weer met je product naar het buitenland moet, waar men ook niet stilstaat,” besluit de AGF-specialiste van Rabobank. 

 

Dit artikel verscheen eerder in editie 2, 36e jaargang van Primeur. Zie hiervoor www.agfprimeur.nl. 

Gerelateerde artikelen → Zie meer