Erik de Smalen van Royal Brinkman España:

“Spanje moet ToBRFV serieus nemen om te voorkomen dat tomatenteelt bedreigd wordt”

Tholen - Dit voorjaar waren er al geruchten en nu, aan het begin van het Spaanse seizoen, is het bevestigd: ook in Spanje hebben ze te maken met het besmettelijke Tomato brown rugose fruit virus (ToBRFV). “Dit gaat de teelt veranderen”, vertelt Erik de Smalen van Royal Brinkman España.

Het bedrijf ontwikkelde de afgelopen jaren een uitgebreid hygiëneconcept onder de naam HortiHygienz en dat wordt nu ook door Spaanse telers ingezet om de algehele hygiënemaatregelen op te voeren in de strijd tegen het virus.

“We zijn ervan overtuigd dat de sector zich hiertegen kan wapenen, maar er zal een hele verandering van aanpak moeten komen. Anders zit het virus binnen de kortste keren in alle kwekerijen. Als de Spaanse tomatentelers preventie niet serieus nemen, kan de teelt serieus bedreigd worden, of zomaar verloren gaan, met alle gevolgen van dien.”

Het ToBRF-virus is onschadelijk voor mens en dier, maar kan ernstige schade aan gewassen veroorzaken. Het ToBRF-virus is zeer besmettelijk en kan gemakkelijk worden overgedragen. Sinds de eerste verschijning van het virus is het volgens bronnen al gedetecteerd in Israël, Jordanië, Griekenland, Turkije, China, Mexico, Californië, Duitsland, Verenigd Koninkrijk, Italië en Nederland. De EPPO Global Database houdt een database bij met internationaal bevestigde vondsten per land. https://gd.eppo.int/taxon/TOBRFV/distribution. EPPO staat voor European and Mediterranean Plant Protection Organization (EPPO)


Het team hygiënespecialisten van Royal Brinkman met in het midden de Spaanse specialist Celia Martinez

Gevolgen voor de Spaanse markt
Vorige week werd uitgesproken dat het virus ook in Spanje gevonden is – iets waar eigenlijk sinds het voorjaar alles al op wees. “De symptomen lijken veel op Pepino Mozaïek virus (PepMV). In het voorjaar hebben we veel kwekerijen gezien waar het Pepino Mozaïek wel heel agressief tekeerging en het dus mogelijk om Rugose ging, maar dan loopt het tegen het einde van de teelt, is de kop eruit en gaat niemand meer investeren in analyses”, vertelt Erik de Smalen van Royal Brinkman.

Toch heeft het bedrijf hier al direct op geanticipeerd. “In mei hielden we samen met het IFAPA een informatiebijeenkomst. Er waren zoveel mensen geïnteresseerd, dat we de zaal moesten uitbreiden. Het zat stampvol met ruim 200 telers, maar ook toeleveranciers en teeltadviseurs.”

Deze opkomst verbaast hem niets. “Er heeft in Almería bijna 10.000 hectare tomatenteelt gestaan. Dat is de afgelopen jaren afgenomen, maar het is nog altijd een enorme oppervlakte. Als het ToBRFV-virus hier om zich heen slaat, wat dan?”

Hij geeft zelf het antwoord: De uitbraak heeft hoogstwaarschijnlijk grote gevolgen voor de Spaanse markt. “De tomatensector staat er toch al niet al te best voor. Het areaal tomaten is al flink afgenomen. Enerzijds door de druk van Tuta Absoluta, een hardnekkig probleem en anderzijds door de concurrentie vanuit Marokko. De prijsvorming valt tegen, waardoor telers weinig middelen hebben om te investeren. Het overgrote deel van de Spaanse telers telen de tomaten in de grond. Dat is een nadeel, want als het virus eenmaal in de grond zit, krijg je het er nog moeilijker uit, in vergelijking met de teelt op substraat.”

“Men onderkent in Spanje nog niet helemaal het gevaar van dit virus, ze hebben geleerd dat ze met Tuta kunnen blijven telen als ze de plagen maar onder controle houden. Maar dit is anders. ToBRFV is enorm persistent. Er is maar heel weinig virusmateriaal nodig om tot een uitbraak te komen."

Hij vervolgt: “De symptomen lijken weliswaar op PepMV, maar daar is gemakkelijker vanaf te raken. In de warme zomer, als de teelt ten einde is, kun je goed ontsmetten en de solarisacion (folie) over de grond trekken. Daarna begint de nieuwe teelt en mochten er nog restjes van het PepMV-virus overblijven, tegen de tijd dat het echt erg wordt, is het alweer tijd voor een volgende teelt.

Kortom, met PepMV is te leven en eventueel is er nog een vaccin voor beschikbaar. Dat geldt allebei niet voor ToBRFV. Dit virus kan sneller in het gewas tot uiting komen en de plant sterft uiteindelijk geheel af. Virusdeeltjes kunnen lange tijd overleven en bij mechanisch contact zelfs jaren later planten alsnog infecteren.”

Wat telers/de sector kunnen (moeten) doen
Sinds de uitbraak in Spanje vorige week officieel bekend werd, staat de telefoon bij de Spaanse afdeling van Royal Brinkman roodgloeiend. “Voorheen wilden bedrijven nog wel hun ogen sluiten hiervoor, maar nu is iedereen in opperste staat van paraatheid”, vertelt Erik.

Het team van Royal Brinkman adviseert hierin en volgt het door hun ontwikkelde concept HortiHygienz, waarin toepassing en middelen samen komen voor een beste passende maatwerk oplossing per individueel bedrijf. Dat is in de afgelopen jaren ontwikkeld om telers te helpen met hygiënevraagstukken op hun bedrijf. 

Makkelijk was het niet om dit ook toe te spitsen op ToBRFV. “In eerste instantie omdat het lastig was om materiaal te krijgen om mee te onderzoeken, maar ook vanwege de persistentie van het virus en de vele kansen op mechanische overdracht in het gewas. Nu hebben we een compleet verhaal”, vertelt Erik.

Hoewel ToBRFV een ernstig virus is waar nog geen resistentie voor zijn en preventie ‘key’ is, is Erik er wel van overtuigd dat telers die het virus nog niet in de kas hebben, zich er tegen kunnen wapenen. “Een goede toegangscontrole met ontsmettingsmatten of sluizen en Menno Florades, een Plant Protection Product dat bewezen effectief is. Het middel is stabiel waardoor middels een langere duurwerking het middel goed kan inwerken op het virusdeeltje zonder materialen aan te tasten. Want ruwe en verroeste oppervlaktes zijn lastig schoon te maken en te ontsmetten, dit kwam in het onderzoek ook naar voren. 

We weten ook dat, dankzij de schuimtoepassing het middel een veel betere effectiviteit heeft; het kruipt in gaten en kieren en door het schuim wordt het oppervlakte wat niet geraakt is, duidelijk zichtbaar.

De tweede vraag is dan: raak je ook echt alles? Zelfs in Nederland, waar vrijwel iedereen op goten teelt en alles spic en span in orde is, kan je een hoekje overslaan waar wat materiaal blijft liggen. Je denkt de hele kas ontsmet te hebben en dan toch komt het virus terug. Daarom zal je, om dit gecompliceerde virus te bestrijden, een heel concept moeten toepassen. Royal Brinkman heeft een team van tien hygiënespecialisten die wereldwijd telers adviseren met dit hygiëneconcept HortiHygienz. Ze werken samen aan kennisuitwisseling vanuit al deze landen om een praktische oplossing op elk niveau te kunnen bieden.’’

Want dat blijft het belangrijkste: Preventie, preventie, preventie; het toverwoord in periodes met hoge virusdruk. “Laat absoluut niemand meer zomaar de kas in. Als iemand een Nederlandse kas instapt, krijg je te allen tijde gastenkleding aan, moet je je handen wassen met goede zeep, en worden handen en schoeisel ontsmet. Dat zit hier nog niet in de aard van het beestje. Toch is deze discipline essentieel om het virus onder controle te houden. Wil je tomaten blijven telen, dan zal er een andere aanpak moeten komen. Anders zit het binnen de kortste keren in alle kwekerijen.”

Fust is groot probleem
In Spanje is daarbij het fust één van de grootste problemen. Erik: “Het fust gaat vanaf de tuin naar de coöperaties en pakstations en worden daar geleegd. Het fust wordt niet ontsmet en gaat terug naar een andere kwekerij. Je weet niet welke route het fust gaat dat op een besmette kwekerij is geweest.”

Een kistenwasser voor fust kan dat probleem verhelpen, maar telers hebben weinig verdiend de laatste jaren. Toch kunnen zij op eenvoudige manieren ook risico’s verminderen. “Koop een oude zeecontainer, een stoomketel en zorg dat je de pallets eerst ontsmet voordat ze de tuin ingaan. En neem een schuimpistool zet alle kisten met een oplossing van 4% Menno Florades helemaal in het schuim.

Bovendien, vindt Erik, is het ook aan de pakstations en de coöperaties om bewust met het fust om te gaan en fust te wassen en ontsmetten, maar telers zelf moeten risicovolle partijen fust ook wel kenbaar maken zodat er juist mee omgegaan kan worden. “Er is hiervoor ook meer fust nodig. Vuil fust kan niet direct door naar de teler. Zeker met deze virusdruk is dat een te groot risico. Het kost geld en het is extra werk, maar een virusuitbraak kost veel meer.” 

Voor meer informatie:
Royal Brinkman 
info@royalbrinkman.nl
www.royalbrinkman.nl

Erik de Smalen
smalen@royalbrinkman.es


Publicatiedatum:
Auteur:
©



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven