Groenteman Paul Biekens: “Als de pieper gaat, dan ben ik brandweerman”

Tholen - Het maakt niet uit wanneer die gaat, maar áls de pieper gaat dan verandert Paul Biekens onmiddellijk van groente- naar brandweerman en dat al 25 jaar lang. Het betekent dat hij zijn werk soms plots uit handen moet laten vallen en regelmatig inlevert op zijn nachtrust. “Als vrijwillig brandweerman moet je altijd paraat staan”, vertelt Paul.

Het afgaan van een pieper zorgde ervoor dat Paul zich aansloot bij het vrijwillige brandweerkops van Dongen, het dorp waar zijn winkel Paul de Groenteman staat. “Het was nog in de begintijd van mijn winkel. De bakker kwam destijds voor een fruitbestelling die ik uit de koeling moest halen. Bij terugkomst was de vogel ineens gevlogen. Ik had wel even een piepje gehoord. Later bleek dat hij de plaatselijke brandweercommandant was en werd weggeroepen voor een noodgeval. We raakten erover in gesprek en het leek ook wel iets voor mij.”

Altijd paraat
Bij een vrijwillig korps hebben ze graag mensen die altijd in het dorp zijn. Kleine zelfstandigen in, en medewerkers van een gemeente, vormen dan ook de kracht van het korps vertelt Paul. “Ik denk dat er wel meer vers collega’s bij een brandweerkorps zitten. In Dongen zie je allerlei beroepen: de bakker, slager, fietsenmaker, automonteur, bouwvakkers, jongens van de plantsoenendienst. Zo’n vrijwillig korps is veel rijker dan een beroepskorps. Naast hun eigen beroep zijn ze brandweerman en moeten hetzelfde kunnen als de beroeps die eigenlijk alleen hun diensten draaien. Voor de gemeente is het voordelig, het kost ze niets zolang we niet worden ingezet. Het vrijwillige korps staat altijd paraat.”

De inzet gebeurt regelmatig, gemiddeld twee tot drie keer per week gaat de pieper af. Een melding is niet altijd een spoedgeval. Indien het om een gaslekkage gaat bijvoorbeeld, kan Paul zelf beslissen of hij zijn winkel al dan niet in de steek laat. “Bij een gaslek kun je als brandweerman weinig anders doen dan de veiligheid bewaken totdat specialisten de leiding afsluiten. We hebben een korps van 30 man en bent in zo’n geval niet meteen allemaal nodig. Maar als ik woningbrand zie staan, laat ik meteen alles uit handen vallen. Dan ben ik gewoon weg, ook al is het nog zo druk in de winkel en kan er nog zoveel werk liggen. Daar ben je hulpverlener voor geworden.”

De ‘vuurdoop’ kwam voor Paul toen hij zich pas had aangesloten in 1995. Er was brand uitgebroken bij de palletfabriek en dat was niet alleen die dag maar veertiendagen lang alle hands aan dek. “Het was een enorme brand waarbij meerdere bedrijven in vlammen op zijn gegaan. Op het moment dat ze gaan slopen en opruimen zit daar nog heel veel temperatuur in en laait er altijd nog wel ergens een kleiner brandje op waarvoor we weer moesten komen opdagen.”

Hoewel Paul soms ernstige ongevallen heeft meegemaakt heeft hij dat altijd goed kunnen verwerken. “Je ziet dingen die je liever niet had gezien maar ik ga er niet over malen. Ik heb namelijk een grote uitlaatklep en dat is mijn winkel. Als er iets is ernstigs is gebeurd, krijg ik de dag daarop wel 50 klanten in de winkel die allemaal willen weten wat er aan de hand was.”

Levende brandmelders
De laatste jaren laat Paul zich door beveiligingsbedrijven ook inhuren als brandwacht. Bij objecten waar te grote risico’s zijn of de brandmeldinstallatie niet goed functioneert, zijn er namelijk ‘levende brandmelders’ nodig. Bij een brand duurt het gemiddeld 10 minuten voor de brandweer ter plaatse is en bij sommige objecten, zoals museum Booijmans van Beuningen waar Paul brandwacht was, is dat veel te lang. Dan moet er constant iemand paraat zijn die de boel in de gaten houdt.

Als groenteman is Paul gewend aan weinig slaap. Daarom neemt hij meestal nachtdiensten voor zijn rekening zodat hij overdag de winkel draaiende kan houden. “’s Middags ervoor doe ik wat extra werk in de winkel en pak ik na sluitingstijd een paar uurtjes slaap. De nachtdienst loopt meestal van elf uur ’s avonds tot zeven uur ’s ochtends, dus kan ik weer redelijk op tijd terug zijn in mijn winkel”, vertelt Paul. “Brandwacht zijn loopt af en toe uit de hand maar ik houd het echt als nevenactiviteit. Mijn groentewinkel is en blijft de hoofdmoot. Een kleine zelfstandige moet echter zelf voor zijn pensioen zorgen, dus mijn verdiensten als brandweer en -wacht zet ik daarvoor opzij.” 

Dit artikel verscheen eerder in editie 12, 34e jaargang van Primeur. Zie hiervoor www.agfprimeur.nl.

Voor meer informatie:
Paul Biekens
info@pauldegroenteman.nl 


Publicatiedatum:
Auteur:
©



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


© GroentenNieuws.nl 2021

Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven