Mart Valstar, Best Fresh Group:

“Als sector wil je een liberale wereldhandel”

Tholen - In september 2018 vierde The Best Fresh Group haar negentig jarig jubileum. Het feestje werd gevierd met collega’s, familie en vrienden en zonder pers. Vakblad AGF Primeur blikte met Mart Valstar terug, maar keek vooral ook vooruit. Mart geeft zijn visie op de veerkracht van de handel, al signaleert hij ook uitdagingen in deze tijden van hoogconjunctuur en protectionisme.

Hoe hebben jullie het jubileum gevierd?
“We hebben er vooral intern aandacht aan gegeven. Op 1 september 2018 hebben we het geheel verbouwde kantoor en de loods opengesteld voor en door collega’s en hun familie en vrienden. Er waren ’s middags een kleine 1500 en ’s avonds hadden we een feest voor het personeel met meer dan 500 man.”

Als je terugkijkt over de afgelopen negentig jaar, wat zijn dan de grootste veranderingen?
“In algemene zin heeft de schaalvergroting veel veranderingen teweeg gebracht. Ik had tijdens de open dag oude foto’s in mijn kantoor liggen. Op één daarvan was mijn opa te zien met twee collega’s die voordat de veiling begon, één pallet sla controleerden. Tegenwoordig worden er wagens vol verhandeld en ziet de verkoper het product soms niet eens. Dat kan ook omdat de kwaliteit in het algemeen veel beter en homogener is. Vroeger moest alles gecontroleerd worden, zowel door de veiling zelf als de kopers. Daarnaast zijn transport en communicatie sneller, korter en beter geworden. Vroeger was je bijvoorbeeld twee tot drie dagen onderweg naar Schotland. De Europese eenwording en ook de ‘GSM’ heeft natuurlijk ook veel gevolgen gehad. De wereld is kleiner geworden. Vroeger was het ondenkbaar dat je komkommers of paprika’s naar de VS zou exporteren. Met de boot sinaasappelen importeren uit Brazilië was een heel avontuur. Tegenwoordig importeer je eenvoudiger een container ananas uit Ecuador.”

“Ook het productassortiment is veranderd en groter geworden. Waar er vroeger de primeurs in het voorjaar waren, is er nu overwegend jaarrond aanvoer. De retail heeft daar ook aan bijgedragen, omdat zij het schap het hele jaar vol wilde hebben. Het is ook goed geweest, consumenten kunnen dankzij de retail meer en betere bestedingen doen aan voeding. Toen Spanje in de jaren ’80 open ging en zich aansloot bij de Europese Gemeenschap werd de productie fors uitgebreid en werd jaarrond aanbod mogelijk in de kasgroenten. De Nederlandse veilingen bespraken destijds of er Spaanse tomaten voor de klok verkocht moesten worden. De bloemensector zei toen ja, de groentensector zei nee.”

Ben je zelf onderaan de ladder begonnen in het bedrijf?
“Ja dat moest wel. We hadden een loods van 175 vierkante meter en we mochten een deel van de veilinghal gebruiken. We waren met vijf man en naast een commissionairsklant nog 1 klant in London. Mijn vakantiewerk deed ik van kleins af aan al in de loods en toen ik ging werken na het VWO ging ik zowel klokinkopen, in de loods werken als meewerken in de (papieren) administratie. Ik ben zelfs een keer met heftruck en al van het dock gevallen in het ‘geweld van de vroegboot’.”

Mis je die tijd dat je in de veilingbanken zat wel eens?
“Ik heb het pakweg 10 jaar gedaan, maar ik mis het niet. Ik vond het prima om verder door te groeien in mijn rol. Eerst van kopersbank en loods naar fulltime kantoor en nu al ruim 10 jaar niet meer in de commercie.”

The Best Fresh Group is opgebouwd uit verschillende bedrijven. Kun je meer vertellen over die bedrijfsstructuur?
“Elk onderdeel heeft de focus op een bepaald productsegment. Het is mijn stelling dat iemand die verstand heeft van sinaasappelen geen verstand heeft van tomaten. Dan neem ik mezelf als voorbeeld, ik ben geen specialist in citrus. Daar moet je ervaren en deskundig in zijn en dat kun je beter realiseren als de handelsbedrijven in aparte eenheden is ondergebracht. Elk bedrijf heeft een eigen identiteit en specialisme, dat is belangrijk. We hadden biologische producten en exoten onder Valstar kunnen verkopen, maar het was een bewuste keuze om daarvoor BioWorld en Yex op te starten.”

Hoe is de verhouding tussen de verschillende onderdelen?
“Elk onderdeel is commercieel onafhankelijk. Best Fresh, sinds het nieuwe logo noemen we het niet meer Best Fresh Group, is de backoffice van het bedrijf. We delen uiteraard naar rato kosten in ICT, HR, Finance en kwaliteitszorg. De handelsbedrijven zijn front offices met ieder een eigen koers, maar waar commerciële synergie en logistiek worden geoptimaliseerd.”

Is er ruimte voor uitbreiding van het aantal eenheden?
“We zitten niet in hardfruit, champignons, uien, aardappelen, tropisch fruit of citrus. Dat zou best een aanvulling kunnen zijn, maar dan zou ook die eenheid een eigen identiteit krijgen. Convenience zou ook kunnen. Ik houd alle opties open en ik sta open voor een goed voorstel, maar we hebben op dit moment geen concrete plannen. We groeien best aardig, kijken ook in het buitenland en daar hebben we onze handen vol aan.”

Met BioWorld en Valstar heb je ook vestigingen in Duitsland en Spanje, voorzie je verdere groei met buitenlandse vestigingen?
“Voor die twee eenheden werkt het goed. Voor biologisch kunnen we product uit Nederland, Spanje en Duitsland maar ook andere landen aanbieden. Met een kantoor van Valstar in Spanje kunnen  we onze klanten een jaarrond een volledig assortiment kasgroente aanbieden. Vanuit Spanje leveren we meestal (logistiek) rechtstreeks aan onze klanten, dan is het handig als je eigen mensen hebt. We importeren ook uit Italië, Frankrijk en Portugal, maar om een vestiging te openen moet de handelsstroom wel substantieel zijn. Als dat zo is, zullen we dat overwegen.”

Steeds meer telersverenigingen maken geen gebruik van de GMO-subsidies. Was die subsidie jarenlang een verstorende factor in de markt voor Nederlands product?
“De gedachte achter de GMO-regeling was theoretisch voor de handel niet geweldig. Het idee is dat je moet telen wat de markt vraagt en dat de afzet meer bij de telers komt te liggen. Daarvoor is er een subsidie voor marketing, verpakkingen en kantoren die de telers wel krijgen, maar de handel niet. Dat zou verstorend kunnen werken. Dat het verpakken tegenwoordig bij de telers gebeurt, is een goede stap, maar het heeft de sector ook veranderd. Vroeger waren er handelsbedrijven die geld verdienden aan het maken van bijvoorbeeld paprikamixen. Dat doen telers nu zelf, dus die ondernemers moesten iets anders gaan doen. Is dat verstorend? Het heeft in elk geval een verschuiving in gang gezet, zoals er nu veel veranderingen zijn in sectoren waar ICT een grote rol heeft. De Nederlandse handel heeft door alle veranderingen en tegenslagen heen, altijd oplossingen gevonden om te overleven. Dat betekende ofwel een ander product ofwel een ander afzetgebied gevonden moest worden. Vroeger was er veel handel in (m.i. lekkerdere) botersla, maar die markt werd door de goedkopere Spaanse ijsbergsla overgenomen. Ook verdween Rusland als afzetmarkt, dan moet je dat toch maar weer opvangen.”

“Een subsidie is een oneerlijk middel. Als bedrijf wil je een gelijk speelveld voor alle partijen, maar dat geldt ook voor invoerrechten en gesloten grenzen, zoals China die heeft bijvoorbeeld. De Chinese grenzen lijken verder open te gaan, dat is een goede ontwikkeling. Als sector wil je een liberale wereldhandel.”

Is China een belangrijke markt voor jullie?
“We importeren pomelo’s uit China, maar voor de export niet. We hebben een afdeling overseas, maar we zijn passief naar de Chinese markt. Dat is een keuze, ook omdat de grens nog vrijwel dicht zit. China heeft de potentie om een grote markt te worden ondanks de grote productie in het land. In Noord-Amerika hebben ze ook een grote productie, maar er blijft toch ruimte om de markt in Canada, de VS en Mexico aan te vullen. Dat zou in China ook kunnen.”

Zien jullie andere groeimarkten in opkomende economieën?
“Het Midden-Oosten is een klein gebied met zo’n 25 miljoen mensen, dat zal niet substantieel groeien. In Afrika groeien wel een aantal bevolkingen en ook hun welvaart, dat zou een markt kunnen worden. Voor bijvoorbeeld Nigeria wordt een explosieve bevolkingsgroei voorspeld en ook daar zal een middenklasse ontstaan. Kenia en Tanzania groeien ook, mede doordat China daar veel in de infrastructuur en arbeidsmarkt investeert. India zou een goede markt kunnen zijn, maar dat land heeft ook veel eigen productie. Daar zullen er momenten zijn om die productie aan te vullen.”

Waar we in de retail en de teelt in Nederland een consolidatie hebben gezien, is het aantal handelsbedrijven vrijwel stabiel gebleven. Verwacht je een consolidatieslag in de handel?
“Is niet mijn verwachting, maar hooguit als er een ramp of disruptieve verandering komt, maar die verwacht ik niet. Ik denk wel dat de handel zal evolueren. Het gestage proces van schaalvergroting, zoals in het begin vermeld, zal doorgaan. In de gehele keten zullen er grotere combinaties ontstaan. Op dit moment gaat het de collega’s goed, dus verwacht ik een evolutionair proces. Een revolutie zie je eerder bij een crisis, zoals de EHEC bijvoorbeeld. Een dergelijke ramp kan schade veroorzaken voor de sector, maar een dergelijke ramp is niet te voorzien.”

Je hebt jaren in de veilingbanken gezeten. Hoe zie je de toekomst van de veilingklok?
“De dagprijzen van de klok kwamen niet overeen met de weekprijzen die de retail hanteert. In de begin negentiger jaren ontstond daar een zoektocht naar een beter model. Daardoor hebben we in Nederland de veilingenfusie gehad en groeiden we naar hoe onze sector nu acteert. Als je me vraagt naar de toekomst van de klok dan denk dat ik dat de klok helemaal dicht gaat. Het werkt in voor- en najaar marktverstorend en het deel van de producten wat voor de klok komt zal afnemen en dus de prijsvorming volatieler worden en dat willen de klanten niet. Voor kleine producten en partijen is de klok een goed instrument, maar dat kan ook anders zoals bij ons bedrijf Eminent. Het zou me verbazen als er in 2028, als we 100 jaar bestaan, nog een veilingklok zou bestaan.”

Nederland staat voor een energietransitie. Welke rol zie je daarin voor Best Fresh?
“We doen daar volop in mee. Het ABC Westland ligt vol met zonnepanelen en ons kantoor wordt verwarmd en gekoeld met geothermie. We stimuleren elektrisch rijden, daarom hebben we veel laadpalen op de parkeerplaats zijn. We dragen ons steentje bij en ik denk dat er ook in de sector ook veel oog voor is. In de tuinbouw wordt veel geothermie gebruikt.”

Er is ook veel te doen over het laten groeien van de AGF-consumptie. Welke rol wil je daar in spelen?
“Dat is een taak voor generieke promotie, zoals vroeger door het CBT en Productschap, maar als privaat bedrijf zijn er voldoende initiatieven waar we aan meewerken. Alle Nederlanders bewegen om meer groenten te consumeren, gaat een bedrijf alleen niet lukken. De omzet van groenten en fruit stijgt, maar het tonnage nog niet. Dat komt vooral door de populariteit van de duurdere producten, zoals ready to eat.”

We horen veel over personeelstekorten, speelt dat bij jullie ook?
“Dat is een algemeen fenomeen dat we zeker veel aandacht geven. We moeten actief op zoek naar mensen. In deze tijden van de krappe arbeidsmarkt kun je niet gaan zitten wachten tot nieuw personeel aanbelt. Je moet als bedrijf aantrekkelijk blijven en andere manieren zoeken om personeel te vinden.”

Is kennis over de sector een uitdaging bij  het vinden van nieuw personeel?
“De meesten zijn consument en leren onze sector pas echt kennen als ze er in gaan werken, maar dat is in andere sectoren ook zo. We hebben stagiaires uit meerdere steden en van verschillende opleidingsniveaus en ze vinden het allemaal een interessante sector. Ze kenden de sector alleen niet. Het World Horti Center, Kom in de kas en het Varend Corso zijn geweldige manieren om te vertellen over wat we doen. Dat blijft belangrijk.”

Wat zijn de grootste uitdagingen voor de sector?
“De ICT-wereld verandert snel en het wordt steeds complexer, dat is een uitdaging. Dit jaar hebben we aardig warm weer gehad en ik weet niet of dat zo blijft, maar het lijkt er op dat klimaatverandering nieuwe problemen zal opleveren voor de toevoer. Die moeten we oplossen. Het arbeidsvraagstuk zal ook blijven, zeker als de economie blijft groeien. En de handelsbelemmeringen vormen een uitdaging. Het lijkt er op dat de wereld weer wat geslotener wordt. We hebben natuurlijk met Rusland gezien dat het grote gevolgen kan hebben als je specialist bent op één land. Ik verwacht wel dat die markt op de lange termijn weer open zal gaan, maar de afgelopen vijf jaar zijn de betrekkingen alleen maar verslechterd, dus dat zal niet op korte termijn gebeuren.”

Hoe zie je de toekomst voor Best Fresh?
“Ik hoop dat we er nog minimaal 90 jaar aan vast mogen plakken doordat we de goede dingen blijven doen. De volgende generatie staat klaar en die heeft er zin in. Ik vind het belangrijk dat het een familiebedrijf blijft. Een groot deel van de economie is te danken aan familiebedrijven en dat vind ik uit de kunst.” 

Dit artikel verscheen eerder in editie 11, 32e jaargang van Primeur. Zie hiervoor www.agfprimeur.nl.

Voor meer informatie:
Best Fresh Group
www.bestfreshgroup.nl

Mart Valstar
mart@valstar.nl 

 


Publicatiedatum:
Auteur:
©


print   

Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


© GroentenNieuws.nl 2019

Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven