Arno Jonker van BiJo over:

Biologisch telen zonder energieverbruik

Ruim 4,7 miljoen kilo CO2-uitstoot bespaart de biologische tuinder BiJo uit ’s-Gravenzande vanaf juli 2009 en de teller loopt maar door. Sinds die datum is ook hun laatste Groen Label Kas in bedrijf gegaan. "We zijn nu helemaal van het gas af”, zegt directeur Arno Jonker. "Er zijn in onze twee kassen helemaal geen fossiele brandstofaansluitingen aanwezig, we verwarmen puur met zonnewarmte."


Arno Jonker

Daar is BiJo trots op: wie de website opent ziet meteen een teller met de gerealiseerde besparing. Het gaat om twee relatief nieuwe kassen, die in etappes zijn verrezen. In 2002 is de eerste kas van ruim 2 hectare gebouwd en na het aankopen van grond werd in 2007/2008 nog eens 5,5 hectare bijgebouwd. Een jaar later werd nog een tweede gesloten kas van 3 hectare opgeleverd. Reden voor toenmalig minister Van der Hoeven om bij het feestje aanwezig te zijn. "Voor het Groen Label Kas-certificaat hebben we niet heel veel hoeven doen”, zegt Jonker. “De kassenbouwers weten precies aan welke eisen zij moeten beantwoorden. In de praktijk bleek het heel goed haalbaar te zijn."


Aad Jonker en voormalig minister Van der Hoeven

Duurzaam en biologisch

BiJo teelt biologisch, in de volle grond. "We werken al een heel poosje zo", zegt
Jonker. “Begin jaren '90 hebben we al een enorme stap gezet door het gebruik van bemesting en bestrijdingsmiddelen met 65% terug te dringen. Daar hebben we nog de Zilveren Wesp voor gekregen. Toen al was het duidelijk dat we helemaal zouden overstappen op biologisch." Het assortiment van BiJo bestaat onder andere uit tomaten, paprika’s, rucola, veldsla, komkommers en radijs. De producten vinden hun weg naar verschillende klanten: van natuurwinkels tot de groothandel en versbedrijf The Greenery.

Warmtepompen

Het uitgangspunt voor de energiebesparende techniek is beproefd: het gebruik van aardwarmte gecombineerd met warmtepompen. De kassen worden verwarmd met zonnewarmte en die wordt ’s zomers opgeslagen in de grond voor gebruik in de winter. Op (te) hete dagen wordt juist koud water opgepompt uit één van de twaalf bronparen. "Er was alleen een praktisch probleem", zegt Jonker. "In de traditionele glastuinbouw worden de luchtslurven direct onder de matten met gewassen aangebracht. Maar wij werken biologisch en onder aarde kun je geen luchtslurven plaatsen." De luchtslurven bleken wel in de gangpaden tussen de bedden met gewassen te passen. "Hierdoor zijn we extra flexibel, want we kunnen de slurven naar wens verleggen over de afdelingen."



Investeren in innoveren

Natuurlijk, goedkoop waren de kassen niet. Maar Jonker merkt dat er vraag is naar biologische producten en BiJo weet zich te onderscheiden. “Naar mijn weten zijn we de enige tuinder die biologische teelt en duurzame bedrijfsvoering combineren”, zegt hij. De investeringen liepen op tot zo’n 7 miljoen extra, maar dat hoefde BiJo niet volledig zelf te financieren. Uit Brussel en Den Haag kwam steun en ook de Triodos bank zag het zitten en financierde mee. In de woorden van Jonker: "Je moet investeren in innoveren. Duurzaam telen is een trend en met dit soort ontwikkelingen lopen we voorop in de wereld."

Bron: Nieuwsbrief Stichting Milieukeur

Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven